mijn scheepje

Biografie

Els Van Thuyne, geboren in Merksem, op 20 juli 1959. 

Opgegroeid aan zee. De golfslag wist alle sporen van kennis voortdurend uit.

Germaanse filologie aan Ugent. Lichte sedimentatie van inzicht in de dingen.

Huwelijk met Dirk Verelst, samen met onze 4 kinderen, Harmen, Seppe, Florian en Freya, de 5 pijlers van mijn leven.

Cursus creatief schrijven met Anne Smits. Wat onder lag, komt boven. Het woord beslist te blijven.

Marnixring Ros Beiaard Dendermonde geeft in 2000 mijn gedichtenbundeltje Dendermonde, Millennium II uit met het pseudoniem Alida Hart. In 2019 verschijnt Moeizaam Vlees bij Uitgeverij Het Punt te Baasrode. Waar is Watou ? en Watou, Wat nog meer ? volgen in 2020.

In 2016, 2019 en 2020 vul ik de schilderijententoonstelling van Leo De Beul aan met gedichten bij het werk.  Drie bundeltjes met beeld en woord ontstaan: Schilder schaduwt de tijd tussen gisteren en morgen, Geschilderde schriftuur, en een map met wenskaarten.

Al jarenlang groeien karakterpoppen van diverse wegwerpmaterialen uit mijn handen.  Wanneer wordt een wezen wezenlijk ?  Dat blijft de grote vraag. Corona was een vruchtbare periode.

In 2021  komen de poppen even tot leven in de tentoonstelling Knuts, samen met kunstenaars Eurudike De Beul, Karel De Brandt en Irma du Preez.

Sinds 2022 ben ik bestuurslid van het Anton van Wilderodegenootschap. Deze dichter was en blijft belangrijk als voorbeeld van hoe gestructureerde poëzie toch vrij en vloeiend kan klinken. Zijn woning wordt zorgvuldig bewaard, voor alle liefhebbers van nostalgische ervaringen.

In september 2022 schreef ik me in bij de van Strijtemse school voor poëzie in Ternat. Poëzie vanuit elke hoek van het menselijk bestaan staat er centraal.  Elkaar doen groeien in de verdichting daarvan is een wonderlijke belevenis.

In 2024 mocht ik voor het eerst samenwerken met IDCollectief te Hamme, een gemeenschap van beeldende kunstenaars en dichters, die elkaar onderling inspireren.   Ondertussen ben ik ook lid van het collectief geworden.

 

Juni 2024: een verrassend telefoontje: Poemtata kande mij de eerste prijs toe voor het gedicht ‘De zee, altijd weer zij” in hun poëziewedstijd van dat jaar.